|
Terneuzen (of Neuzen) is een stad in de gelijknamige gemeente
Terneuzen, waarvan het de hoofdplaats is. Terneuzen is een van
de laatste plaatsen die stadsrechten heeft verkregen.
Het inwoneraantal van de gemeente bedroeg per 1 april 2011
54.864; daarmee is Terneuzen de grootste
Zeeuwse
gemeente naar inwoneraantal (bron: CBS). Het gemeentehuis staat
in de stad Terneuzen, de grootste plaats van Zeeuws-Vlaanderen.
De gemeente ontstond in haar huidige vorm op 1 januari 2003,
toen de voormalige gemeenten Axel en Sas van Gent bij Terneuzen
gevoegd werden.
De gemeente wordt doorsneden door het Kanaal Gent-Terneuzen, dat
de stad Gent in België verbindt met de Westerschelde. In maart
2003 is de vaste-oeververbinding met de 'overkant' gereedgekomen:
de Westerscheldetunnel. De toegang tot deze tunnel ligt vlak
naast het kanaal.
Terneuzen vervult
een centrumfunctie in Zeeuws-Vlaanderen; er is bijvoorbeeld een
relatief groot streekziekenhuis en een theater.
De Zeeland Seaports, waartoe zowel de haven van Terneuzen als
van Vlissingen behoort, worden gezien als de derde haven van
Nederland na Rotterdam en Amsterdam.
De belangrijkste watervoorziening voor recreatieve doeleinden is
de Otheensche Kreek. Ten westen van het kanaal ligt de
voornaamste vestiging van Dow Chemical in Europa. Deze
chemiereus is de grootste werkgever in de provincie Zeeland.
Terneuzen is een Millennium Gemeente.
De Kernen
Na de gemeentelijke
herindeling van Zeeuws-Vlaanderen van 1 januari 2003 telt de
gemeente veertien officiële kernen en een groot aantal
buurtschappen. De hoofdplaats en verreweg de grootste plaats is
Terneuzen.
De veertien kernen
zijn: Terneuzen, Axel, Sas van Gent, Hoek, Zaamslag, Koewacht,
Sluiskil, Philippine, Westdorpe, Biervliet, Zuiddorpe,
Zandstraat, Overslag en Spui.
Philippine, tegen de
Belgische grens gelegen, trekt veel toeristen. Het is vooral
bekend om zijn mosselrestaurants. Hoewel begonnen met een enkele
eettent stonden er in 2003 acht op een rijtje.
Er
staat ook een fontein in de vorm van een zachtjes druipende,
gigantische mossel op het dorpsplein.
Biervliet in het uiterste westen van de gemeente is een oud
vissersdorp. De Nederlands Hervormde Kerk aldaar, de zogenaamde
'Visserskerk' gebouwd in 1659, heeft nog enkele gave
gebrandschilderde ramen uit 1660-1661. Het dorpsbeeld wordt ook
markant gekenmerkt door de korenmolen De Harmonie, gebouwd in
1842. Maar het meest bekend is Biervliet als geboorteplaats van
de uitvinder van het haring kaken Willem Beukelszoon. Op de
markt in Biervliet staat dan ook een standbeeld van deze
haringkaker.
Axel, een stad ten zuiden van Terneuzen, was lange tijd een
zelfstandige gemeente. Axel is ook veel ouder dan Terneuzen.
Zaamslag, ten oosten van Terneuzen, was in de middeleeuwen een
belangrijk machtscentrum. In en bij Zaamslag stonden veel
bijzondere gebouwen, zoals een kruiskerk, een religieus complex
(bestaande uit een hospitaal-klooster en een commanderij ter
Tempeliers) en een kasteel aan de Zuidoostkant van het dorp.
Hierdoor is Zaamslag cultuurhistorisch, maar ook archeologisch,
zeer belangrijk. In de 17e eeuw werd het huidige dorp gebouwd,
deze structuur is nog steeds te zien.
Bezienswaardigheden
-
De
Scheldeboulevard biedt uitzicht op de Westerschelde en het
scheepvaartverkeer dat hier vlak langs de kust gaat. In het
zomerseizoen worden hier sinds 2000 tal van beelden langs
deze boulevard opgesteld.
-
Het Arsenaal is
een militair gebouw uit 1833, en maakte onderdeel uit van de
nieuwe vesting Terneuzen. Tegenwoordig zijn er
horecabedrijven in het Arsenaal gevestigd en dienen de
waterkelders sinds 1997 als wijnkelder.
-
Monument De
Vliegende Hollander van P. Griep, een schip in een vroegere
kanaalarm, bij de Herengracht.
-
De
Willibrordustoren is het restant van een neogotische
katholieke kerk die in 1915 werd ingewijd en in 1968 werd
gesloopt. De vroegere pastorie en de kloosterkapel zijn nog
intact, en het schip van de kerk wordt aangegeven met
bomenrijen.
-
Oud-Terneuzen,
een verzameling oude straatjes en huisjes in de binnenstad
van Terneuzen, gesitueerd op de oude 16e-eeuwse
vestingwerken.
-
De Moffenschans,
16e-eeuwse boerenwoning, schans opgeworpen door voornamelijk
Duitse huursoldaten in november 1583 onder aanvoering van
Phillip van Hohenlohe om weerstand te kunnen bieden bij een
aanval door Spaanse troepen.
-
Het (oude)
Stadhuis van Terneuzen, gelegen aan de Noordstraat,
karakteristiek pand met toren. Na het verkrijgen van de
stadsrechten is een woonhuis verbouwd met onder meer
bouwmateriaal uit de ruïne van het kasteel van de
ambachtsheer van Zaamslag. 1647 aangrijpende verbouwing,
kelder werd ingericht als "crymeneel ghevangenhuys". Tevens
zetel van de "vierschare". Tijdens de Franse bezetting werd
in 1807 de toren verlaagd om plaats te maken voor een
semafoor voor marinecommunicatie in de lijn Antwerpen-Vlissingen.
In 1859 kreeg de toren het uiterlijk zoals tegenwoordig.
-
Park aan de
Otheense Kreek
-
De Zeesluizen
met bezoekerscentrum Portaal van Vlaanderen.
Bereikbaarheid
Er is een
busverbinding van Connexxion naar Goes, Middelburg, Vlissingen
en Gent. Het overige openbare busvervoer wordt door Veolia
uitgevoerd. De belangrijkste lijn (lijn 1) die tussen Oostburg
en Hulst loopt, vervoert dagelijks veel scholieren van en naar
Terneuzen. In totaal rijden er 27 grote
bussen
van Veolia in Zeeuws-Vlaanderen. Verder zijn er kleinere
9-persoonsbusjes om ook de buitengebieden te kunnen bedienen.
Regionale wegen
De N61 is voor de
helft provinciaal en voor een gedeelte van het rijk en loopt via
Schoondijke naar Terhole.
De N62 is een provinciale weg die net nabij Goes door de
Westerscheldetunnel langs Terneuzen aan de westkant van het
Kanaal Gent-Terneuzen gaat over de brug van Sluiskil richting de
grens met Zelzate. Rond 2014 moet de Sluiskiltunnel klaar zijn
waar deze weg doorheen gaat lopen.
Trein
Er heeft ook een
spoorverbinding met Gent bestaan, de Spoorlijn 54 Mechelen -
Terneuzen en Spoorlijn 55 Gent - Terneuzen. Deze is echter in
1950 gesloten voor reizigersvervoer, omdat de exploitatie niet
rendabel was. Tegenwoordig is deze verbinding deels overgenomen
door bussen van Connexxion die in het weekend van Goes naar Gent
rijden.
De CD&V-fractie in de gemeenteraad van Gent ziet mogelijkheden
om via de goederenspoorlijn naar Terneuzen in de toekomst
opnieuw reizigers te vervoeren. De CD&V-fractie denkt dat
reizigers van deze lijn vooral gebruik zullen gaan maken voor
woon-werkverkeer, het vervoer van studenten, scholieren,
toeristen en vooral ook 'shoppers'. Het Zelzaatse raadslid
Martin Acke (ook CD&V) juicht de plannen toe. Het geeft de
grensstreek, meent hij, een nieuwe impuls.
Onderwijs
In Terneuzen
bevinden zich 14 basisscholen en 2 voor middelbaar onderwijs.
Daarnaast is er nog 1 ROC voor beroepsonderwijs waar ook een
aantal propedeuses van de Hogeschool Zeeland te volgen zijn.
Winkelen
In het centrum zijn
de belangrijkste winkelstraten de Noordstraat, de Havenstraat en
de Markt. Iets verderop is reeds het Schuttershof gerealiseerd.
Verder zijn er in Terneuzen nog winkelgebieden als de
Axelsestraat en Winkelcentrum Zuidpolder. Elke laatste zondag
van de maand is in het centrum koopzondag.
Het Kanaal
In 1827 werd het
Kanaal Gent-Terneuzen in gebruik genomen. Bij Terneuzen kwamen
twee schutkolken te liggen. Met de komst van dit kanaal is
Terneuzen gegroeid tot een handelsgemeente van formaat. Nog
steeds spelen dit kanaal en de havens een belangrijke rol in de
economische betekenis van Terneuzen.
1547-1563 Aanleg van Sassevaart met sluizen bij Sas van Gent.
1817 Staten-Generaal willen verzande vaart niet uitgraven.
1823 Besluit over aanleg zeekanaal.
1827 Opening kanaal van Gent naar Terneuzen met sluizen in
Terneuzen en Sas van Gent. 1830 -1841 Sluiting kanaal na
Belgische Opstand.
1870-1885 Eerste verdieping.
1895-1904 Modernisering sluizen en tweede aanpassing.
1914-1919 Kanaal gesloten door de Eerste Wereldoorlog.
1945 Akkoord over verdieping, verbreding en nieuwe zeesluis bij
Terneuzen.
Uitvoering werken tussen 1960 en 1968.
1968: De kanaalverbreding en de nieuwe sluizen worden opgeleverd.
Stadhuis
Enkele maanden voor zijn onverwachte dood gaf Prins Willem van
Oranje op 23 april 1584 stadsrechten aan het toen nog kleine
Terneuzen. Dit was een direct gevolg van de omstandigheden
tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Terneuzen werd bestuurd vanuit
het naburige Axel. Omdat in Axel de Spaanse rechters het nog
voor het zeggen hadden werd in Terneuzen een Staatse rechtbank
geïnstalleerd. Omdat de Terneuzenaren de weekmarkt in Axel niet
meer konden bezoeken en om de handel met de vijand te beperken,
werd Terneuzen het recht gegund een weekmarkt te houden. In die
jaren hadden de bewoners van het kleine stadje het niet
gemakkelijk. De gehele streek was namelijk frontgebied. Door
inundaties en oorlogshandelingen was de oogst verloren gegaan,
waardoor er een onbeschrijflijke armoede heerste. Op 17 juli
1586 deden Staatse troepen vanuit Terneuzen een aanval op het
door de Spanjaarden bezette gebied en veroverden de stad.
In 1594 was er al een stadhuis in Terneuzen. Het was een
verbouwd woonhuis dat van een torentje was voorzien. Voor de
bouw van dit "schepenhuis" werden 50.000 stenen weggehaald bij
de ruïne van het kasteel van de ambachtsheer van Zaamslag.
Doordat Prins Maurits in 1586 de dijken liet doorsteken liep de
ambachtsheerlijkheid Zaamslag onder water. De overblijfselen van
het kasteel dienden als bouwmiddelen voor gebouwen in de streek,
zo ook voor het stadhuis van Terneuzen. In 1593 was het woonhuis
"de geldersche blomme", naast het stadhuis aangekocht en
afgebroken om meer ruimte voor een markt te maken.
Het stadhuis was al snel te klein. In 1607 en 1608 volgden er
verbouwingen. Uit de stadsrekeningen is veel informatie te halen.
Antoni Fransz uit Middelburg leverde hout voor de toren en
zoldering, een smid zorgde voor het ijzerwerk aan het stadhuis
en toren. Diverse arbeiders en schippers zorgden voor zand ten
dienste van de metselaars. De toren en het stadhuis werden
geschilderd. Glasmaker Leonaert Willemsz maakte de vensters. De
toren had een leien dak, een vaantje en een galerij.
Veertig jaar later, in 1647 werd het stadhuis drastisch verbouwd.
Een deel van het stadhuis werd gesloopt, zodat de voorliggende
straat breder werd. De kelder van het stadhuis werd ingericht
als "crymeneel ghevangenhuys". Beeldsnijder Jan Hardewel uit
Middelburg ontving ruim 9 pond voor het maken van 70
steunklampen met loofwerk en twee zittende leeuwtjes voor de pui.
Op de stadstoren stonden twee wijzers. Hiermee zal een
zonnewijzer zijn bedoeld voor de aanduiding van de dagen. Renier
van Rasenborgh ontving 16 ponden Vlaams voor het vervaardigen
van een schilderij Justitia geheten, ter verfraaiing van de
Vierschare.
In 1807, tijdens de Franse bezetting, werd de toren verlaagd
voor de aanleg van een semafoor, een soort telegraaf voor
marinesignalen in de lijn Antwerpen-Vlissingen. In 1812 was de
semafoor nog altijd bezet, maar het stadhuis ondervond veel
schade van de slordigheid waarmee het werd onderhouden. Het
regende op zolder erg in waardoor de planken verrotten. Doordat
de toren was verlaagd moest het uurwerk verdwijnen. Met het
kerkbestuur van de Hervormde Kerk waren afspraken gemaakt over
het gebruik van de klok, toren en uurwerk van de kerk.
In 1859 werd het stadhuis vernieuwd en werd er een nieuwe
stadhuistoren gebouwd. De termijn van oplevering werd bepaald op
1 juni 1860. Het gebouw kreeg toen het aanzien dat het nog
altijd heeft. In 1863 werd er een uurwerk en klok in de toren
geplaatst. Het uiterlijk doet denken aan een 19e eeuwse Rooms
Katholieke Kerk. In 1972 nam de gemeente Terneuzen haar intrek
in het nieuwe, door Bakema ontworpen, stadhuis.
Geschiedenis
De stad Terneuzen
heette in de twaalfde eeuw Ter Nose en komt in 1325 voor het
eerst in de archieven voor. Ook andere vormen komen voor zoals
in 1350 Ter Nessen. Het woord nesse(= nisse) betekent landtong.
Terneuzen lag aan een vaart die in verbinding stond met Gent. In
1460 wordt de haven van Terneuzen voor het eerst vermeld. In
deze haven, die lag op de plek van de huidige Markt werden
goederen overgeslagen om per trekschuit richting Gent te worden
vervoerd. Met de Pacificatie van Gent op 8 november 1576 kwam de
stad in de handen van de Staatsen. Terneuzen en Axel lagen
tijdens de Tachtigjarige Oorlog samen op een eiland. In 1583 was
Axel in Spaanse en Terneuzen in Staatse handen - reden voor
Prins Willem van Oranje om Terneuzen op 23 april 1584
stadsrechten te verlenen, dat wil zeggen Terneuzen kreeg een
eigen rechtspraak en een weekmarkt.
Op 23 oktober 1794 trokken de Fransen Terneuzen binnen en werd Zeeuws-Vlaanderen ingelijfd bij het Franse Rijk, met de Schelde
als grensrivier tussen Frankrijk en de Bataafse Republiek. De
bezetting van Terneuzen eindigde op 2 februari 1814.
Op initiatief van koning Willem I werd gedurende de jaren
1825-1827 het Kanaal Gent-Terneuzen aangelegd. De hoge
verwachtingen van een economische opbloei van Terneuzen door de
aanleg van het kanaal kwamen niet uit. Daarin kwam verbetering
toen omstreeks 1870 spoorlijnen van Terneuzen naar Mechelen en
Gent werden aangelegd. Terneuzen werd een belangrijke overslag-
en opslaghaven van massagoederen.
De Tweede Wereldoorlog begon in Terneuzen op 20 mei 1940 met het
bevel van de Belgische militaire commandant aan de bevolking de
stad te verlaten i.v.m. een dreigend bombardement. De Duitsers
trokken de stad op 24 mei binnen. De oorlog eindigde in Terneuzen begin september 1944 met de vlucht van Duitse troepen
over de Schelde. De Polen trokken de stad op 20 september binnen.
Op 1 februari 1953 veroorzaakte een combinatie van zeer hoge
vloed en een noordwesterstorm de Watersnoodramp. In Terneuzen
stroomde het water over het dijkje van het vissershaventje en de
hoogte bij het postkantoor, zodat in het lage deel van de
binnenstad het water 1 meter hoog kwam te staan.
Bevolkingsontwikkeling Terneuzen-Stad: 200 inwoners in 1700, 300
inwoners in 1750, 380 inwoners in 1779, 571 inwoners in 1811,
607 inwoners in 1821, 884 inwoners in 1829. In 2010 telt Terneuzen-Stad 24819 inwoners.
Terneuzen is bekend als de stad van De Vliegende Hollander,
bekend uit de gelijknamige opera van Richard Wagner. Volgens de
overlevering zou deze tegen God opstandige kapitein Willem van
der Decken uit Terneuzen afkomstig zijn.
Belgische opstand
In 1830 probeerden Belgische opstandelingen de Zeeuws-Vlaamse
bewoners over te halen zich bij hen aan te sluiten, zodat
Zeeuws-Vlaanderen een deel kon worden van het te stichten
Belgische koninkrijk. Op 20 oktober van dat jaar trokken zo’n 75
bewapende Belgische opstandelingen, onder leiding van Ernest
Gregoire de stad binnen met de bedoeling Zeeuws-Vlaanderen in te
nemen. De Rijks Ontvanger van Terneuzen werd zijn geld afhandig
gemaakt, en bij de kapitein van de 5e compagnie van de rustende
schutterij werden 25 geweren en 4 sabels met toebehoren
meegenomen. Na nog geen vier uur in Terneuzen aanwezig te zijn
geweest vertrokken ze echter weer. De reden van hun vertrek is
onduidelijk. Bij Koninklijk Besluit van 17 juli 1833 werd de
vesterking van de vesting Terneuzen bevolen. De nieuwe
vestingwerken bestonden uit negen bastions, een aantal
stadspoorten, kruitkelders en andere gebouwen. De
Arsenaalkazerne aan de Nieuwstraat maakte ook deel uit van deze
vestingwerken.
Eerste Wereldoorlog
Van de Eerste Wereldoorlog heeft Terneuzen weinig gevolgen
ondervonden. In augustus 1914 kwamen veel Belgische
vluchtelingen naar Zeeuws-Vlaanderen. Na de val van Antwerpen op
9 oktober 1914 werd dit nog veel erger.
Tweede Wereldoorlog
Vanaf 24 mei 1940 kwam Terneuzen onder Duitse bezetting. Op 20
september 1944 werd Terneuzen bevrijd door een onderdeel van een
Poolse pantserdivisie.
Laatste kwart 20e eeuw
Na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog kreeg Terneuzen
op 1 februari 1953 te maken met de Watersnoodramp. Het lage
gedeelte van het stadscentrum heeft een aantal dagen te kampen
gehad met een behoorlijke wateroverlast. Vele vrijwilligers en
de hulpdiensten zoals brandweer, en een honderdtal militairen
uit Weert hebben veel werk verzet om alles weer op orde te
krijgen.
In 1968 werd de kanaalverbreding en de nieuwe sluizen opgeleverd.
De kanaalverbreding en de nieuwe sluizen hebben ervoor gezorgd
dat Terneuzen behoorlijk ging groeien. Mede de komst van
chemiegigant Dow heeft ervoor gezorgd dat Terneuzen thans de
grootste gemeente van Zeeuws-Vlaanderen is en een belangrijk
handels- en industriecentrum is geworden. Na het openen van de
Westerscheldetunnel in 2003 is Zeeuws-Vlaanderen, en Terneuzen,
niet meer afhankelijk van de veerdiensten over de Westerschelde.
|